Getallenkennis

a) Hoeveelheden vergelijken en ordenen

  • Kunnen omgaan met rekentaal d.w.z. dat men de aangeleerde bewerkingsvormen, nu aangeboden in wiskundige taal, correct kan oplossen !

Bijvoorbeeld

7 minder dan 94 is ...

Verminder 75 met 6 ...

3 meer dan 39 is ...

Vijf keer acht en één keer 26 is ...

58 is 19 meer dan ...

De som van 29 en 63 is ...

56 is 40 minder dan ...

Welk getal is groter dan 59, kleiner dan 71 maar groter dan 69 ? ...

Precies in het midden tussen 60 en 68 ligt het getal ...

Welk getal is drie keer zo groot als 15 ? ...

20 + 45 = 50 + ...

89 is ... eenheden en ... tientallen

3 X 9 is 8 minder dan ...

ENZ...........


b) Natuurlijke getallen tot 100 kunnen ordenen, lezen, schrijven, opzoeken, ....

c) Juist tellen

  • Tellen, terugtellen en doortellen met sprongen van 1, 2, 5 en 10

d) Werken met breuken

  • Van een hoeveelheid of een voorwerp de breukvorm kunnen berekenen (vb: 1/5 van 30 is 6)
  • Breuken herkennen in omgangstaal (bv. helft, anderhalf, kwart, één en een kwart, ...)

e) Kennismaking met kommagetallen

  • Kommagetallen met hoogstens twee decimalen lezen om geldwaarden in EURO te begrijpen
    bv.: 4.25 lezen als 4 komma 25 EURO of 4 EURO 25 Eurocent

f) Kennismaking met negatieve getallen

  • In concrete situaties ervaringen opdoen met negatieve getallen
    bv.: een temperatuur van -9°C kunnen lezen

g) Enkelvoudige vraagstukken oplossen met +, -, x, :

De kinderen moeten in een gegeven kort verhaal (= een vraagstuk) de juiste bewerkingsvorm ontdekken (+, -, x, : ) en correct oplossen.

Vermits zij nog beginnende lezers zijn is het doorzien van een vraagstuk voor vele kinderen niet altijd zo evident. Vandaar dat we hen regelmatig bij het oplossen van vraagstukken trachten te begeleiden via de acht-stapsmethode:

  • AANDACHTIG LEZEN!
  • WAT WORDT ER GEVRAAGD?
  • NAVERTELLEN!
  • HET STUKJE SPELEN!
  • HET VRAAGJE OVERSCHRIJVEN!
  • NU GAAN WE TEKENEN!
  • DE BEWERKING SCHRIJVEN!
  • DE ANTWOORDZIN SCHRIJVEN!

HOE ORGANISEREN WE DIT IN DE KLAS ?

  • Concreet, schematisch, abstract werken in de klas
  • Werkbladen 'Spelen met getallen'
  • Extra werkbladen